Matthew CARTER — The Most Widely Read Man In The World

Foto © Griet DEKONINCK


Matthew CARTER,

The Most Widely Read Man In The World

Matthew CARTER (Londen, 1937) is een van de weinige letterontwerpers wiens werk dagelijks gebruikt wordt door miljoenen mensen. Lezers van kranten, typografen, computergebruikers, allemaal komen ze op een of andere manier in contact met zijn werk. Meer dan vijftig jaar van zijn carrière heeft hij gewijd aan het ontwerpen van letters voor print, om daarna te pionieren in het maken van letters voor computerschermen, met Verdana en Georgia voor Microsoft als belangrijkste resultaat.

Tijdens zijn stage van een jaar bij drukkerij Joh. Enschedé in Haarlem, Nederland, leerde de jonge Carter letters snijden en zetten bij stempelsnijder Paul Rädisch, assistent van de typograaf van het bedrijf, Jan van Krimpen. Joh. Enschedé was op dat moment de enige commerciële drukkerij die nog letters met de hand sneed.

De liefde voor het vak kreeg Matthew mee van z’n vader Harry CARTER, een typograaf, boekontwerper en letterhistoricus. Vader en zoon spendeerden in de jaren vijftig uren op de zolder van het Antwerpse Museum Plantin-Moretus aan het catalogeren van de eeuwenoude letters van de museumcollectie.

Met de ambachtelijke kennis die hij in de Lage Landen had opgedaan stak CARTER de oceaan over, om in New York zelf letters te leren ontwerpen.
Terug in Londen dompelde hij zich onder in de levendige scene van de Britse ontwerpers van de jaren zestig, en werkte onder andere voor de luchthaven van Heathrow. Pendelend tussen Londen en New York werkte CARTER daarna voor Linotype, de toenmalige referentie in letterontwerp voor fotozetten.Voor hen maakte hij onder andere de Bell Centennial, het lettertype van de Amerikaanse telefoonboeken.

In 1981 richtte CARTER samen met Mike Parker en twee andere ex-collega’s Bitstream op, een bedrijf dat zich zou specialiseren in het maken van digitale letters. In 1982 vervoegde letterontwerper David Berlow hen.
Bitstream boomde samen met de opkomst van digitaal design en het gebruik van de personal computer. In 1991 koos CARTER terug voor voltijds ontwerpen door samen met Cherie CONE het bedrijf Carter & Cone Type Inc. op te richten waar hij vandaag nog steeds werkt. Tot de opdrachtgevers behoren onder andere Apple, Microsoft (Verdana, Georgia), de magazines Time, Newsweek, Wired, kranten als The Washington Post, The Boston Globe, The New York Times, The Guardian, Le Monde en het Walker Art Center.

Matthew CARTER heeft diverse tentoonstellingen, lezingen en bekroningen achter zijn naam staan, zoals een Lifetime Achievement Award van het National Design Museum in New York en een eredoctoraat van het Minneapolis College of Art and
Design.

Vorig jaar werd hij toegelaten tot de MacArthur Fellowship, een prestigieuze Amerikaanse stichting die ondermeer creatieve mensen bekroond voor hun uitzonderlijke verdiensten. Hij gaf vele jaren les aan de Yale University School of Art.


Cascade Script(1965)

De eerste gepubliceerde letter

Een handschrift ontworpen voor Mergenthaler Linotype in 1965 door Matthew Carter.
Cascade Script is een vet kalligrafisch lettertype met hoekige vormen. Het lijkt alsof de vetgedrukte letters met een stift of een brede pen getekend zijn.
Als alternatief voor de Ludlow Hauser Script werd de Cascade Script ontworpen voor het fotozetten op Linofilm. Gelijkaardige letters werden door drukkerijen in de jaren ’40 gebruikt voor de reclame industrie. De aangename Cascade Script met zijn levendige en evenwichtige vormen is bijzonder geschikt voor korte  teksten en koppen.

Galliard (1978)
Revival van een letter
met wortels in Antwerpen


De wortels van de Galliard, de huisstijlletter van de Vlaamse Overheid en de standaardletter voor universitaire uitgaven, handboeken, wetenschappelijke tijdschriften en kunstcatalogi, zijn terug te vinden in het Museum Plantin-Moretus in Antwerpen. Daar verbleef Carter tussen 1955 en 1956 enkele weekends op de zolder van het museum om zijn vader Harry Carter, een letterarchivaris bij de universiteit van Oxford, te helpen bij het onderzoeken van oude stempels, matrijzen en loden letters. Matthew Carter volgde op dat moment een jaar lang stage bij de Nederlandse drukkerij Joh. Enschedé in Haarlem.
In 1965 ging hij in dienst bij Mike Parker, het toenmalig hoofd van het departement typografische ontwikkeling bij Mergenthaler Linotype en tevens een grote fan van de Plantin-Moretuscollectie. Als er een van die oude lettertypes een eerbetoon verdiende, zo waren de heren het snel eens, dan wel het werk van de Franse lettersnijder Robert Granjon (1513–1589).
Het resultaat, de Galliard, vertrekt vanuit het lettertype Ascendonica van Granjon maar incorporeert de vitaliteit en de uitbundigheid van Granjons volledige oeuvre. De Galliard is een bloemlezing van het werk van Granjon, zoals Carter het zelf graag noemt. Carter zorgde met zijn nieuwe ontwerp voor een heuse revival van de stijl van de Franse meester.

Stempels Ascendonica gesneden door GRANJON

Carter creëerde voor de ITC Galliard een breed spectrum van veel gebruikte tot weinig voorkomende karakters zoals romeinletters voor de broodtekst, italics voor citaten en tussentitels, hangende cijfers om in de tekst te verwerken, klein kapitalen voor afkortingen en acroniemen, ligaturen, breuken en cijfers voor voetnoten.
Door de compactheid van de Galliard is het een heel economische letter: er passen veel karakters op één pagina. Omdat de letter zo solide is, kan de Galliard op verschillende manieren geprint worden.
In de Galliard wordt Carters ervaring met typofrafische geschiedenis verenigd met zijn technologische kennis, zijn gevoel voor visualisatie en esthetiek. Tekst gezet uit de Galliard voelt vertrouwd aan. Dit is te wijten aan het veelvuldig gebruik tijdens de laatse 20 jaar, maar evenzeer aan de verwantschap met de Garamond, de Plantin en de Times
Roman, die ook hun oorsprong vinden in een historische bron.
De Galliard wordt zowel door Adobe als in de luxueuze Pennyroyal Caxton Bijbel gebruikt.

Pennyroyal Caxton Bijbel
Men zou de hele geschiedenis van de boekdrukkunst kunnen doorlopen aan de hand  van de grote Bijbels. Bijbels zijn vaak de bekroning van de meesterwerken van 's werelds grootste typografen, drukkers en illustratoren. Ondanks deze rijke traditie, had de twintigste eeuw geen grote bijbel waarin zowel het Oude als Nieuwe Testament werden geïllustreerd door één enkele kunstenaar. Tot in 1999 de Pennyroyal Caxton Bible verscheen, de eerste volledig geïllustreerde bijbel in meer dan 100 jaar.
De 233 illustraties werden verzorgd door Barry MOSER, van Pennyroyal Press in Boston. Alle tekeningen werden gegraveerd in een nieuw materiaal, ‘resingrave’, een wit polymeer hars. Resingrave werd voor het eerst gebruikt door Richard WOODMAN, in reactie op het wereldwijde tekort aan kwalitatief hoogwaardig buxushout om te graveren. Barry MOSER is uitgegroeid tot een fervent aanhanger van dit nieuwe medium waarvan de resultaten visueel niet te onderscheiden zijn van houtgravure. Barry MOSER werkte aan de illustraties van november 1995 tot april 1999, bijna 7 dagen op 7.
De schoonheid van deze bijbel berust echter niet alleen op de illustraties. Het is ook een unieke typografische prestatie en een voorbeeld van de mooiste drukwerken van onze tijd. De verschillende papiersoorten werd speciaal voor dit project gemaakt, sommige zelfs met de hand.
De lettertypes die gebruikt worden in de Pennyroyal Caxton Bijbel zijn de Galliard en de Mantinia, allebei ontworpen door Matthew CARTER. De Gaillard is gebaseerd op 16deeeuwse lettervormen van Robert GRANJON. Geïntroduceerd door Mergenthaler Linotype heeft Galliard erkenning verdiend  als een van de meest indringende, gezaghebbende lettertypes van onze tijd. De ruim bemeten x-hoogte maakt het buitengewoon leesbaar in al zijn maten en gewichten en als zodanig is de Galliard een bijzonder geschikt lettertype voor de Bijbel. De Pennyroyal Caxton Bijbel is gezet in dertien punt met vier punt interlinie.
Voor de titels en beginkapitalen werd de Mantinia gebruikt, een lettertype dat gebaseerd is op de stenen inscripties van de Italiaanse Renaissance kunstenaar Andrea MANTEGNA.
Matthew CARTER ontwierp ook speciale typografische tekens voor dit project (Arabesken en ‘pilcrows’). Pennyroyal Press gaf hem eveneens de opdracht een nieuw Hebreeuws lettertype te ontwerpen, Le Bé Hebrew, dat voor het eerst gebruikt werd in de Pennyroyal Caxton Bijbel.

Pennyroyal Caxton Bijbel


Bell Centennial (1978)
De meest geconsulteerde letter ter wereld

De Amerikaanse telecommaatschappij AT&T bestelde in 1974 een nieuwe letter bij Matthew Carter. Die nieuwe letter zou de originele Bell Gothic uit het telefoonboek vervangen en moest combineerbaar zijn met de Helvetica, toegepast door Saul BASS in de huisstijl. AT&T wilde een lettertype dat in een kleine corpsgrootte leesbaar zou blijven, zelfs op het ruwe papier dat voor telefoonboeken wordt gebruikt.
De Bell Centennial moest ook compatibel zijn met een nieuwe printtechniek, een voorloper van het digitaal printen: de Cathode Ray Typesetting (CRT). In plaats van de letters een voor een te zetten met de Linotype-techniek las dit nieuwe systeem een fotofilm in een keer af, zodat een hele regel of een tekstfragment in een keer gezet kon worden.
Carter ontwierp verschillende gewichten van de Centennial voor namen, adressen en telefoonnummers. De adressen in het telefoonboek werden licht en smal weergegeven, een enorme besparing op plaats, inkt, papier en transport.
Om adverteerders naar het telefoonboek te lokken ontwierp Carter de Bell Centennial Bold Listing: een lettertype zonder onderkast en met grote hoofdletters en cijfers. Bold Listing kreeg het gezelschap van Sub-Caption, een nog kleiner en fijner lettertype om de ruimte voor adverteerders optimaal te benutten.




Mantinia (1993)
Renaissance van een letter

De Mantinia komt uit de stal van Carter & Cone Type, Matthew Carters huidige letter-
bedrijf. De Mantinia is de display-versie van de Galliard, het veelgeprezen lettertype uit 1978.
Voor de Mantinia putte Carter uit werk en leven van Andrea Mantegna, een Italiaanse renaissancekunstenaar uit de 15e eeuw.
Hij was een kunstschilder en -verzamelaar met een passie voor de stenen inscripties van het Romeinse Rijk. Voor de ligaturen van
Mantinia inspireerde Carter zich op de gebeitelde opschriften die Mantegna schilderde en beschreef. Ook de kleine en grote kapitalen verwijzen naar Romeinse inscripties.


Georgia (1996)
Van print naar iPad

Mogelijk nog herkenbaarder dan de Verdana is de Georgia, het geschreefde lettertype dat Matthew Carter voor Microsoft maakte.
De naam dankt het lettertype aan de krantenkop van een tabloid: de woordspeling ‘Alien heads found in Georgia’. De Georgia werd door Microsoft in 1996 gelanceerd als onderdeel van het pakket standaard-lettertypes voor internetgebruikers bij de besturingssoftware Windows Embedded Compact.
De Georgia is een van de eerste geschreefde lettertypes die gemaakt zijn voor teksten op beeldschermen. Dat is een compleet andere benadering dan wanneer een lettertype dat oorspronkelijk ontworpen werd voor print op een beeldscherm wordt gebruikt. Die zijn immers bedoeld om op papier te lezen, en werken niet noodzakelijk op een scherm.
De Georgia heeft meer gemeen met de alomtegenwoordige de Times New Roman dan met de Verdana, maar onderscheidt zich door iets bredere en opvallende schreven met afgeplatte uiteinden.
Carter voelde met de Georgia haarfijn aan dat nieuwe tekstdragers nieuwe letters vereisen. Het succes van pdf-lezers, Kindle, iPad lijken dat vandaag te bevestigen.



Verdana (1996)
Venster op het internet

De Verdana maakte Matthew Carter in opdracht van Microsoft. De typografische afdeling van de computergigant stelde in de helft van de jaren negentig vast dat er behoefte was aan een letter die het lezen van computer-
schermen vergemakkelijkte. Het resultaat werd genoemd naar Ana, de dochter van de manager van het letterdepartement.
Door te werken met een schreefloos lettertype, ruime verhoudingen en veel witruimte tussen de letters maakte Carter de Verdana geschikt voor het aflezen van teksten op beeldscherm, zelfs in een kleine lettergrootte en op een scherm met lage resolutie. Daarom werd de Verdana als standaardlettertype geïnstalleerd op computers die op Windows draaien, maar kreeg het ook een vaste stek in Office- en browser-software voor Windows en Mac.
De Verdana is zo wijdverspreid en alomtegenwoordig dat critici haar een ‘homogenisering’ van digitale typografie verwijten. In 2009 besloot meubelgigant Ikea om haar catalogi voortaan in de Verdana te drukken, om print en online beter op elkaar af te stemmen. Fanatieke bloggers en liefhebbers vande Futura (het vorige lettertype van Ikea) schreeuwden op diverse blogs moord en brand, en doopten de beslissing van Ikea om tot ‘Verdanagate’.



Walker (1995)
Een total make over voor
het kunstcentrum


Het Walker Art Center in Minneapolis, Minnesota, een instituut voor moderne kunst dat gesticht werd in 1927, klopte in 1995 aan bij Matthew Carter voor een letter die de nieuwe missie van het museum kon vertalen. Het kunstcentrum was op zoek naar een nieuwe identiteit, waarin regionale diversiteit, internationale ambitie en drang naar het experiment verenigd werden. Het museum wilde een radicale breuk met de koele esthetiek die in de jaren negentig de rigueur was, met veel witruimtes en schreefloze lettertypes. De identiteit moest flexibel, expressief en pluralistisch zijn.
Carter greep de opdracht, die perfect overeenstemt met zijn motto ‘wonderful pluralism’, met beide handen. Hier speelden de letters geen bijrol op pakketjes, bij merken of in logo’s maar stond de letter net centraal. Carter begon aan een intensief creatief proces waarbij hij heel nauw samenwerkte met de ontwerpers van het museum die instonden voor de bewegwijzering in en buiten het gebouw en met het team dat de vorm van de exposities in het Walker Art Center uittekende. Elk voorstel van Carter werd uitgebreid getest en van feedback voorzien door de andere ontwerpers. Het resultaat is een dynamische letter met elementen uit de vroeg negentiende-eeuwse Egyptische en Britse typografie, die onder andere gebruikt wordt in de evenementenkalender van het Walker Art Center.




Miller (1997)
Krantenfavoriet
   
Was de Georgia een letter die Carter ontwierp om het lezen van beeldschermen aangenamer te maken, dan is de Miller de letter die de tekst op het beeldscherm perfect naar print vertaalt. De Miller en de Georgia zijn twee takken van dezelfde boom: veel letters in beide types zijn exact hetzelfde. De Georgia is iets strakker uitgepuurd om beter te werken op een scherm, de italics zijn bij de Miller zwieriger en verder uitgewerkt.
Voor dit lettertype putte Carter inspiratie uit de Scotch Roman, een letter die haar naam dankt aan haar geboorteplek: de letterzetterijen van Edinburgh en Glasgow aan het begin van de 19e eeuw.
Bij de lancering van de Miller in 1997 werd die snel opgepikt door krantenuitgevers: de Amerikaanse Boston Globe gebruikt variaties op de Miller, net zoals The Washington Post, Glamour Magazine en The Hindustan Times.



Yale (2004)
Een letter op academische leest

Elke student, professor en medewerker van Yale University, in New Haven, Connecticut, mag gebruik maken van de letter die Matthew Carter speciaal voor de universiteit ontwierp, en die in alle publicaties en officiële communicatie wordt gebruikt. Opnieuw dook Carter in het verleden. De inspiratie voor de Yale vond hij ook deze keer in de Renaissance: in een uitgave van De Aetna van Pietro Bembo door Aldus Manutius, een drukker in Venetië aan het einde van de vijftiende eeuw.
Manutius was een succesvol drukker en uitgever, met klanten in heel Europa. Carter werkte het oorspronkelijke concept van het lettertype uit De Aetna verder uit, door de basisvorm en de details van de letters verder uit te puren.



Carter Sans (2011)
Ode aan een vriend

Hoewel dit robuuste lettertype de naam van Matthew Carter draagt, speelde een andere typograaf een belangrijke rol in het ontstaan van de Carter Sans: de Duitse letterontwerper Berthold Wolpe, die in 1989 overleed.
Carter en Wolpe leerden elkaar kennen in de gloriejaren van Linotype, waar ze samen aan een project werkten. De Carter Sans, gebaseerd op het Albertus-letterype dat  Wolpe in 1940 ontwierp, is Matthew Carters eerbetoon aan de door hem zo bewonderde letterontwerper. De Carter Sans is sterk in al zijn eenvoud, met nauwelijks zichtbare schreven en letters die tegelijkertijd hoekig en licht zijn.
Dan Reynolds van Linotype assisteerde Carter bij het ontwerp, dat gemaakt werd op vraag van Monotype Imaging.



Bronnen
Margaret Rey ‘Typographically Speaking: The Art of Matthew Carter’ / British Council ‘Designing Modern Britain’, Design Museum Exhibition / www.macfound.org / www.carterandcone.com / www.wikipedia.org / typefoundry.blogspot.com / www.typeoff.de


Matthew CARTER — De Wolkenbreiers (Radio Central) by Typeansich


INFORMATIE

(14.10.2011 – 30.12.2011)
Locatie: Project space ‘Kades Kaden’, Catapult, Rubenslei 10, 2018 Antwerpen
Open: Maandag–Vrijdag from 10 a.m. to 6 p.m., weekends en feestdagen enkel op afspraak
Inkom: Gratis

Curators: Catapult (Anton DE HAAN, Luk MESTDAGH, Tom VANWELKENHUYZEN)
Organisatie: Catapult (Anton DE HAAN, Véronique VAN LOOVEREN, Tom VANWELKENHUYZEN)
Scenografie: Catapult (Omar CHAFAI, Anton DE HAAN, Andreas DEPAUW, Tom VANWELKENHUYZEN)
Grafisch ontwerp publicaties: (Omar CHAFAI, Anton DE HAAN, Tom VANWELKENHUYZEN)

In samenwerking met:
Designcenter DEWINKELHAAK, Integrated2011, Museum Plantin-Moretus/Prentenkabinet, Walker Art Center en Yale University
Met de steun van: Duvel/Moortgat,  Intraco, Papyrus en Tubbax

Volg ons op http://www.facebook.com/typeansich


Type An Sich